DE BRIEVEN
De Zestiende Brief
Daarna liepen wij beiden – zonder dat er eigenlijk een aanleiding of reden voor was – rondtrekkend verder omhoog naar de top van de berg. Wij hadden een waterkan met wat water bij ons en een beetje suiker en thee. Ik zei: “Mijn broeder, maak een beetje thee.” Terwijl hij bezig was de thee te bereiden, zat ik onder een cederboom die hoog boven een beek uitstak. Treurig dacht ik bij mijzelf: “Wij hebben nog wat beschimmeld brood; dat is voor ons beiden vanavond nog genoeg. Maar hoe zullen wij het twee dagen lang daarmee volhouden? En hoe kan ik dit aan deze oprechte man met zijn zuivere hart duidelijk maken?”
Terwijl ik daar nog over nadacht, draaide ik mijn hoofd om alsof het werd aangestuurd. Toen zag ik in de takken van de cederboom boven mij een groot stuk brood voor ons liggen. Ik riep: “Süleyman, verrassing! Allah heeft ons voorzien in voeding!” Wij namen het brood en zagen dat geen vogel en geen wild dier het had aangeraakt. Al twintig à dertig dagen was er geen mens op die top geweest. Dat brood was voor ons beiden genoeg voor twee dagen. En terwijl wij van dat brood aten en het bijna op was, kwam er nog een Süleyman – die al vier jaar een oprechte en trouwe metgezel van mij is – met brood naar boven van beneden de berg.
Ten vierde: deze mantel die ik nu draag, heb ik zeven jaar geleden tweedehands gekocht. In de afgelopen vijf jaar heb ik voor kleding, schoenen en sokken in totaal viereneenhalve lira uitgegeven. De barakaGenadeschenk van Allah die in de vorm van gezegende overvloed voorkomt. van zuinigheid en de barmhartigheid van Allah zijn voor mij voldoende geweest.
In samenhang met deze voorbeelden bestaan er nog vele soortgelijke gebeurtenissen en talloze verschijningsvormen van de barakaGenadeschenk van Allah die in de vorm van gezegende overvloed voorkomt. die Allah schenkt. De bewoners van dit dorp kennen daarvan vele voorbeelden.
Jullie moeten niet denken dat ik dit allemaal vertel om mijzelf te prijzen; ik ben ertoe gedwongen. Denk alsjeblieft niet dat dit een bron van voordeel voor mij is. Deze barakaGenadeschenk van Allah die in de vorm van gezegende overvloed voorkomt. is of een teken van genade voor mijn oprechte vrienden die mij hier bezoeken, of een gunst die voortkomt uit de dienst aan de Koran, of een zegenrijk gevolg van zuinigheid.
Misschien is het zelfs zo dat het levensonderhoud van de vier katten die bij mij wonen – en die voortdurend met “Yā RahīmO Allah, Die oneindig genadevol is., Yā RahīmO Allah, Die oneindig genadevol is.” Allah aanroepen – in de vorm van barakaGenadeschenk van Allah die in de vorm van gezegende overvloed voorkomt. tot mij komt, en dat ik daarvan meeprofiteer. Want als je aandachtig naar hun melancholisch gespin luistert, dan kun je inderdaad horen hoe zij “Yā RahīmO Allah, Die oneindig genadevol is., Yā RahīmO Allah, Die oneindig genadevol is.” aanroepen.