DE BRIEVEN

De Twintigste Brief

Zodra de aarde het bevel ontvangt, begint zij, uit vreugde over het vervullen van haar taak als een mewlewī haar ronddraaiende bewegingen uit te voeren. Zo voltrekt zich die toestand met zeer weinig moeite en wordt die grote doelstelling bereikt.

Maar als tegen de aarde wordt gezegd: “Sta stil! Bemoei je daar niet mee!”, en het verkrijgen van die toestand en het bereiken van dat resultaat aan de hemelen zelf wordt overgelaten – dus als dit niet aan Eén, maar aan velen en aan oorzaken wordt toegeschreven – dan zouden de miljoenen sterren, die duizenden malen groter zijn dan de aardbol, iedere dag en ieder jaar in beweging gezet moeten worden, en zouden zij in vierentwintig uur en in één jaar afstanden van miljarden jaren moeten afleggen.

Conclusie: de Koran en de gelovigen schrijven het scheppen en besturen van ontelbare kunstwerken toe aan Sāni-i Wāhid en geloven dat alles rechtstreeks door Zijn macht tot stand komt. Zo bewandelen zij een moeiteloze weg die naar Hem leidt.

Maar degenen die de goddelijke handelingen aan oorzaken toeschrijven, en zelfs het scheppen van één enkel kunstwerk aan talloze oorzaken, betreden een weg die uiterst moeilijk en onbegaanbaar is. In dit opzicht geldt dat de moeilijkheidsgraad van het scheppen van alle kunstige schepselen, die volgens de weg van de Koran aan de orde wordt gesteld, gelijk is aan de moeilijkheidsgraad van het scheppen van één enkel kunstig schepsel, die volgens de dwaalweg aan de orde wordt gesteld. Inderdaad, het tot stand brengen van alles door één enkele Schepper is gemakkelijker dan het tot stand brengen van één ding door velen.

Zoals het besturen van duizend soldaten door één officier even gemakkelijk is als het besturen van één soldaat, zo is het besturen van één soldaat door duizend officieren even moeilijk als het besturen van duizend soldaten; het zou totale chaos veroorzaken.

Het volgende verheven vers smijt deze waarheid als het ware in het gezicht van degenen die de goddelijke handelingen aan oorzaken toeschrijven:

ضَرَبَ اللّٰهُ مَثَلاً رَجُلاً ف۪يهِ شُرَكَٓاءُ مُتَشَاكِسُونَ وَرَجُلاً سَلَمًا لِرَجُلٍ هَلْ يَسْتَوِيَانِ مَثَلاً اَلْحَمْدُ لِلّٰهِ بَلْ اَكْثَرُهُمْ لَا يَعْلَمُونَ

سُبْحَانَكَ لَا عِلْمَ لَنَٓا اِلَّا مَا عَلَّمْتَنَٓا اِنَّكَ اَنْتَ الْعَلٖيمُ الْحَكٖيمُ

اَللّٰهُمَّ صَلِّ وَ سَلِّمْ عَلٰى سَيِّدِنَا مُحَمَّدٍ بِعَدَدِ ذَرَّاتِ الْكَائِنَاتِ وَ عَلٰٓى اٰلِه۪ وَ صَحْبِه۪ اَجْمَع۪ينَ اٰم۪ينَ وَالْحَمْدُ لِلّٰهِ رَبِّ الْعَالَم۪ينَ

اَللّٰهُمَّ يَٓا اَحَدُ يَا وَاحِدُ يَا صَمَدُ يَا مَنْ لَٓا اِلٰهَ اِلَّا  هُوَ وَحْدَهُ لَا شَر۪يكَ لَهُ يَا مَنْ لَهُ الْمُلْكُ وَ لَهُ الْحَمْدُ وَ يَا مَنْ يُحْي۪ى وَ يُم۪يتُ يَا مَنْ بِيَدِهِ الْخَيْرُ يَا مَنْ هُوَ عَلٰى كُلِّ شَيْئٍ قَد۪يرٌ ٭ يَا مَنْ اِلَيْهِ الْمَص۪يرُ بِحَقِّ اَسْرَارِ هٰذِهِ الْكَلِمَاتِ اِجْعَلْ نَاشِرَ هٰذِهِ الرِّسَالَةِ وَ رُفَقَائَهُ وَ صَاحِبَهَا سَع۪يدًا مِنَ الْمُوَحِّد۪ينَ الْكَامِل۪ينَ وَ مِنَ الصِّدّ۪يق۪ينَ الْمُحَقِّق۪ينَ وَ مِنَ الْمُؤْمِن۪ينَ الْمُتَّق۪ينَ اٰم۪ينَ

اَللّٰهُمَّ بِحَقِّ سِرِّ اَحَدِيَّتِكَ اِجْعَلْ نَاشِرَ هٰذَا الْكِتَابِ نَاشِرًا لِاَسْرَارِ التَّوْح۪يدِ وَ قَلْبَهُ مَظْهَرًا لِاَنْوَارِ اْلا۪يمَانِ وَ لِسَانَهُ نَاطِقًا بِحَقَائِقِ الْقُرْاٰنِ اٰم۪ينَ ٭ اٰم۪ينَ ٭ اٰم۪ينَ