DE BRIEVEN

De Twintigste Brief

Het tiende woord

وَ هُوَ عَلٰى كُلِّ شَىْءٍ قَدٖيرٌ

Met andere woorden, Hij is de Ene en de Enige; Hij heeft de macht over alles. Niets is zwaar voor Hem. Het scheppen van de lente is voor Hem net zo gemakkelijk als het scheppen van een bloem. Het scheppen van het paradijs is voor Hem net zo licht als het scheppen van de lente. De grenzeloos vele kunstzinnige schepselen die Hij iedere dag, ieder jaar en iedere eeuw schept, getuigen met talloze tongen van Zijn oneindige macht. Dit woord brengt de volgende blijde boodschap:

“O mens! De diensten die jij vervult en het dienaarschap dat jij verricht zijn niet tevergeefs. Een plaats van beloning, een land van gelukzaligheid is voor jou gereedgemaakt. In plaats van deze vergankelijke wereld staat jou een eeuwig paradijs te wachten. Vertrouw op de belofte van de verhevene Schepper, Die jij aanbidt en Die jij erkent. Het is onmogelijk dat Hij Zijn belofte verbreekt. Zijn macht kent in geen enkel opzicht een tekortkoming. Er kan geen sprake zijn van onmacht in Zijn handelingen. Zoals Hij jouw kleine tuin schept, zo kan Hij eveneens het paradijs voor jou scheppen en heeft het zelfs al geschapen en aan jou beloofd. En aangezien Hij het heeft beloofd, zal Hij jou uiteraard daarbinnen toelaten.

Inderdaad, wij zien dat Hij elk jaar in volmaakte ordening en evenwicht zeer snel en moeiteloos meer dan driehonderdduizend plant- en diersoorten op de aarde weer tot leven roept. Een zodanige Qadīr-i zul-Djelāl is zeer zeker in staat Zijn belofte waar te maken.

Aangezien de absoluut Almachtige elk jaar duizenden voorbeelden van de wederopstanding en het paradijs tot stand brengt; en aangezien Hij door al Zijn hemelse decreten de eeuwige gelukzaligheid en het paradijs belooft; en aangezien al Zijn handelingen waarlijk en werkelijk, oprecht gemeend en in alle ernst genomen zijn; en aangezien alle volmaaktheden die te zien zijn in Zijn schepselen en werken, naar Zijn oneindige volmaaktheid verwijzen en daarvan getuigen, en er bij Hem geen fouten en gebreken bestaan; en aangezien valsheid, leugen, bedrog en het verbreken van een belofte uiterst lelijke eigenschappen, gebreken en tekortkomingen zijn, zal Qadīr-i zul-Djelāl, Hakim-i zul-Kemāl, Rahim-i zul-Djemāl Zijn belofte zeer zeker nakomen, de poort tot eeuwige gelukzaligheid openen en jullie gelovigen toelaten in het paradijs, het oorspronkelijke vaderland van jullie vader Ādem (as).”